Ga naar hoofdinhoud

Meer duidelijkheid over rol muggenmelk in strijd tegen malaria

De malariamug raakt gewend aan insecticiden en steekt daarom steeds vaker overdag en buitenshuis

30-09-16 - Nico Van Aerde

Afbeelding 1/1 : een foto van 2 mannen die anti-muggenmelk verdelen.

De malariamug raakt gewend aan insecticiden en steekt daarom steeds vaker overdag en buitenshuis. Dat betekent dat er meer nodig is dan muggennetten alleen om malaria verder terug te dringen. De parasitaire ziekte maakt jaarlijks nog meer dan een half miljoen slachtoffers. Onderzoekers van het Instituut voor Tropische Geneeskunde (ITG) en het Cambodjaanse Nationale Malariacentrum onderzochten of de massale inzet van muggenmelk op dorpsniveau (community protection) kan helpen om malaria te verslaan. In de oktobereditie van het topvakblad The Lancet Infectious Diseases laten de onderzoekers weten dat menselijk gedrag het grootste obstakel is voor een succesvolle toepassing van deze strategie.

De onderzoeksgroep, onder leiding van prof. Marc Coosemans van het ITG, concludeert dat het gebruik van sprays en lotions op dorpsniveau de overdracht van malaria onvoldoende verder omlaag brengt om de ziekte uit te roeien. Tot op heden was enkel het individuele effect van deze middelen bekend.

In 2013 stelde de Bill & Melinda Gates Foundation drie miljoen dollar beschikbaar aan het team van prof. Coosemans om te kijken of community protection tegen malaria een bijdrage kon leveren om Cambodja tegen 2025 malariavrij te maken. Dankzij jarenlange samenwerking tussen het ITG en het Cambodjaanse nationale malariacentrum waren het aantal malariagevallen de afgelopen decennia al drastisch gedaald.

“Hierbij speelden klassieke bestrijdingsmiddelen, zoals met insecticide geïmpregneerde muggennetten, een belangrijke rol,” aldus prof. Marc Coosemans. “De malariamug stelt zich echter in op de insecticiden en we zien nu dat de ziekte voor een deel buiten de slaapuren en buitenshuis wordt overgedragen. Dat verhoogt de nood aan bedekkende kleding en muggenmelk.”

De gerandomiseerde klinische studie vond plaats in de Cambodjaanse provincie Ratanakiri, waarbij 117 dorpen willekeurig verdeeld werden tussen een interventiegroep (die muggenwerende middelen kreeg) en controlegroep. In totaal namen ongeveer 49.000 mensen tussen 2013 en 2015 aan de studie deel. Bij regelmatige screenings zagen de onderzoekers geen verschil in het aantal malariagevallen tussen de interventie- en controledorpen.

Naast de klinische en biomedische onderzoekers deden antropologen onderzoek naar de impact van menselijk gedrag. Door middel van observationele studies toonden zij aan dat het gratis ter beschikking gestelde muggenwerende middel door slechts 8% van de deelnemers geregeld werd gebruikt, hoewel 70% zelf aangaf het dagelijks te gebruiken.

De ITG-studie laat voor het eerst op een robuuste manier zien dat het ter beschikking stellen van effectieve persoonlijke beschermingsmiddelen zoals muggenmelk niet gelijkstaat aan een verdere daling van het aantal malariagevallen.

“De gevraagde gedragsverandering vormt een obstakel om muggenwerende middelen op te nemen in bestrijdingsprogramma’s. We moeten daarom dringend investeren in innovatieve bestrijdingsmethodes tegen de malariamug, al zijn de lessen van onze studie ook nuttig voor de bestrijding van gele koorts, dengue en zika, waar gelijkaardige problemen zich voordoen,” aldus Coosemans.

Meer nieuws over

PUBLIC HEALTH     BUITEN LAND