Voorvechter van basisgezondheidszorg

Achter de schermen van het gevecht tegen gemediatiseerde ziekten als aids en malaria, heeft het ITG zich de afgelopen decennia evenzogoed ingezet voor basisgezondheidszorg.

Het valt niet exact te bepalen wanneer het ITG van basisgezondheidszorg een prioriteit ging maken, maar toen Alma Ata (Kazachstan) in 1978 het schouwtoneel was van een historische gezondheidsconferentie over dit onderwerp, was het instituut er al druk mee in de weer. ITG-hoogleraren Mercenier en Van Baelen waren drijvende krachten achter het congres. Pierre Mercenier hield zelfs de pen mee vast toen de fameuze verklaring van Alma Ata op schrift werd gesteld. Het pijnlijke is dat ‘betaalbare gezondheid voor iedereen’ vandaag voor miljoenen mensen nog altijd niet meer is dan een droom. 

En toch kan het. In de jaren 80 zette het instituut in Oost-Congo het Kasongo-project op, met onder andere prof. Bart Criel en prof. Vincent Debrouwere als jonge artsen onder de pioniers. In de streek werd een netwerk uitgebouwd van laagdrempelige gezondheidscentra met veelzijdige verpleegkundigen. De idee was dat de patiënt in ruil voor een kleine, eenmalige geldbijdrage langetermijnfollow-up krijgt. De meeste problemen worden door de verpleegkundige opgelost, maar als er behoefte is aan gespecialiseerde zorg, gaat de patiënt naar het centrale ziekenhuis. Kasongo werd een succes. Het project stond lang model voor basisgezondheidszorg in ontwikkelingslanden. 

Sindsdien is het ITG basisgezondheidszorg blijven toepassen in zijn activiteiten. Het doet ook onderzoek naar de materie. In februari 2016 nog presenteerde het instituut een studie op vraag van de Belgische ontwikkelingssamenwerking over de manier waarop betaalbare gezondheid voor iedereen bereikt kan worden in tien ontwikkelingslanden.