"Durf vragen te stellen: zo maak je jezelf zichtbaar"
Nog voor het 66e ITG-Colloquium van start gaat in Addis Abeba, onder het thema 'Gezondheid in Beweging: Infectieziekten zonder Grenzen', was dr. Thao-Thy Pham, postdoctoraal onderzoeker bij de Dienst Klinische Immunologie aan het ITG, al nauw betrokken bij de organisatie. Als lid van het wetenschappelijk comité coördineerde ze mee de selectie van de abstracts om het programma vorm te geven. Andere leden selecteerden haar onderzoek voor een presentatie, zodat ze haar bevindingen ook in Addis Abeba kan voorstellen.
Wat is je rol met betrekking tot het colloquium?
THAO-THY: Ik ben lid van het wetenschappelijk comité en heb de sessie 'Spread, Immunity and Resistance' mee gecoördineerd. Omdat ik mijn doctoraat over malaria-immunologie heb gedaan en nu werk rond Leishmania-immunologie, heb ik me kandidaat gesteld voor deze sessie. Ik heb ook de sessie 'Emerging Infections, Climate and Environment' ondersteund. Ik ben geen expert op dat vlak, maar het is al lang een grote interesse van me. Aan mijn vorige instituut heb ik een groep rond klimaatbewustzijn opgericht, waarin we bijvoorbeeld bekeken hoe we het energieverbruik in de labo's konden verminderen. Ik ben ook blij te kunnen meedelen dat ik mijn eigen onderzoek zal voorstellen.
Hoe selecteerde het comité de abstracts?
THAO-THY: Elk abstract werd door minstens twee personen beoordeeld. Een bio-informaticus in het wetenschappelijk comité schreef een script dat de eindscores berekende en corrigeerde op basis van hoe streng elke beoordelaar was. We rangschikten eerst op score en kwaliteit en keken daarna naar de balans qua gender, geografische regio's en loopbaan. De meeste abstracts kwamen uit partnerlanden, en sommige kwamen van onderzoekers die gewoon hun data willen presenteren en contact willen leggen met het ITG. We besloten ook voorrang te geven aan ingediende abstracts met niet-gepubliceerde data, om nieuwe ideeën en recent werk te belichten.
'Gezondheid in beweging' is een breed thema. Hoe past je eigen onderzoek daarin?
THAO-THY: Mobiliteit kan gaan over patiënten die migreren, een pathogeen dat zich door het lichaam verplaatst of dat zich over geografische regio’s verspreidt. Mijn werk richt zich op de menselijke immuunrespons op parasitaire ziekten. Leishmaniase is een verwaarloosde tropische ziekte, maar komt voor in bijna 100 landen en regio’s, waaronder Zuid-Spanje en Zuid-Frankrijk. In onze dienst richten we ons op immunomonitoring van patiënten en vaccinontwikkeling. Om een vaccin te ontwerpen moet je bijvoorbeeld eerst begrijpen welke immuunrespons beschermt, zodat het vaccin die kan nabootsen. Andere collega’s in onze dienst werken rond ebola en gele koorts, met vaccinimmunologie als rode draad.
Je stapte over van malaria naar leishmaniase. Wat veranderde er?
THAO-THY: De parasiet en de klinische ziekte zijn anders, maar de vragen zijn gelijkaardig: hoe reageert het immuunsysteem en wat is er nodig om iemand te beschermen? Ik ging echter van experimentele muismodellen naar klinische wetenschappen, en van algemene immuunrespons naar meer diepgaande moleculaire mechanismen met geavanceerde methodologieën, dus de overstap was een steile leercurve. Een groot deel van mijn werk gebeurt nu met onze partners in Ethiopië, en daarom ben ik blij het colloquium in Addis Abeba mee vorm te geven.
Bestaat er een vaccin tegen leishmaniase?
THAO-THY: Voor mensen is er nog geen vaccin, hoewel veel mensen eraan werken. Het probleem is wat we de “vallei des doods” noemen: de stap van veelbelovend preklinisch werk, bijvoorbeeld in muismodellen, naar een effectief vaccin in klinische studies. In vergelijking met tuberculose, waarvoor tientallen vaccinkandidaten in lopende studies zitten, heeft leishmaniase tot nu toe helaas weinig financiering gekregen. Historisch gezien zijn er voor leishmaniase minder dan tien vaccinkandidaten geweest, en geen enkele heeft werkzaamheid aangetoond.
Hoe probeer je die kloof te overbruggen?
THAO-THY: We zoeken naar biomarkers, zogenaamde beschermingscorrelaten. Klinische fase 3-studies hebben duizenden vrijwilligers nodig, en dat maakt ze zo duur. Als we vroeger kunnen aantonen dat een vaccin een beschermende respons opwekt, kunnen we minder mensen rekruteren en de kosten drukken. Een andere verandering is de verschuiving naar mRNA-vaccins. Dankzij de investeringen tijdens de COVID-19-pandemie zijn vaccins goedkoper te produceren en kunnen ze ook lokaal worden ontwikkeld. Momenteel werken we samen met onze partners in Ethiopië aan de ontwikkeling van een nieuw Leishmania-vaccin.
Leishmaniase
Leishmaniasis is een dodelijke, stigmatiserende parasitaire ziekte die wordt verspreid door zandvliegen en voorkomt in cutane, viscerale en mucocutane vorm. De WHO classificeert het als een verwaarloosde tropische ziekte.
Viscerale leishmaniasis, de ernstigste vorm, is in Zuid-Azië bijna uitgeroeid, maar concentreert zich nu in Oost-Afrika (en Zuid-Amerika), waar hiv-co-infectie de bestrijding moeilijk maakt.
Het Leishmania Centre van het ITG omvat zes onderzoeksdiensten en partners in meer dan tien endemische landen. Samen hebben ze eraan bijgedragen dat viscerale leishmaniasis in Zuid-Azië bijna is uitgeroeid, en nu werken ze aan genomische surveillance, vectorcontrole, diagnostiek en behandeling.
Over je partners in Ethiopië gesproken: hoe ziet die samenwerking eruit?
THAO-THY: Ik heb vooral gewerkt met het Leishmaniasis Research and Treatment Centre van de Universiteit van Gondar en sinds vorig jaar met het Armauer Hansen Research Institute in Addis. Het ITG werkt echter al meer dan tien jaar met hen samen. De samenwerking werd ondersteund door de raamovereenkomsten met de Directie-generaal Internationale Samenwerking (DG INT).
In Gondar bouwden we samen met het Drugs for Neglected Diseases initiative (DNDi) een goed uitgerust laboratorium voor klinische studies dat voldoet aan de normen voor goede klinische praktijken (GCP), met opgeleid personeel om een klinische studie te kunnen opstarten. Het is opgenomen in het Ethiopische netwerk voor klinische studies, zodat ook andere internationale partners er studies kunnen uitvoeren. Het lokale team heeft zoveel ervaring opgebouwd dat we klinische studies via online gesprekken konden opzetten als reizen niet mogelijk was.
Kun je een voorbeeld geven van onderzoek dat het verschil kan maken voor patiënten?
THAO-THY: We werken aan een project rond mensen die met hiv leven en ook viscerale leishmaniase ontwikkelen (VL-HIV), een van de ernstigste vormen van de ziekte. In het noordwesten van Ethiopië komen veel migrerende landbouwarbeiders tijdens het oogstseizoen naar de regio, en zowel hiv als leishmaniase zijn daar endemisch. Personen met VL-HIV hebben een verzwakt immuunsysteem en velen krijgen geregeld te maken met terugvallen. Over een mensenleven heen maken sommigen tot 25 terugvallen door, ongeveer drie per jaar. Prof. Johan van Griensven en Ermias Diro, destijds zijn doctoraatsstudent, ontwikkelden een geoptimaliseerde behandelstrategie die door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) werd overgenomen. De nieuwe behandeling is beter, maar niet perfect.
Waarom hervallen ze steeds?
THAO-THY: Onze onderzoeksgroep ontdekte dat hun immuunrespons uitgeput is. De parasiet blijft, soms verborgen, in het lichaam en het immuunsysteem, dat al verzwakt is door hiv, wordt voortdurend geprikkeld tot het niet meer kan reageren. We onderzoeken nu immunotherapie met checkpointremmers, een behandeling die normaal wordt gebruikt bij kanker, om te zien of die de immuunrespons kan stimuleren, zodat het lichaam de parasiet eindelijk kan bestrijden en de ziekte niet meer terugkeert. Dankzij een recente FWO-beurs, onder leiding van dr. Myrthe Pareyn, kunnen we een kleine klinische studie uitvoeren.
"Er zijn patiënten overleden aan VL-HIV, en in zekere zin doen we dit onderzoek ter ere van hen. Het voelt zinvol om te werken aan studies die patiënten hopelijk hoop geven."
Dr. Thao Thy Pham
Raakt het werk je op persoonlijk vlak?
THAO-THY: Sommige patiënten hebben tegen lokale partners gezegd dat ze er genoeg van hebben: “Wat voor leven is dit?”, door hun herhaaldelijke terugvallen van VL-HIV. Daarom heet een van de projecten ‘ALIVE’. Er zijn patiënten overleden aan VL-HIV, en in zekere zin doen we dit ter ere van hen. Het voelt zinvol om te werken aan studies die patiënten hopelijk hoop geven.
Terugkomend op het colloquium: waar kijk je naar uit?
THAO-THY: Alle sessies zijn interessant, maar klimaatverandering zit altijd in mijn achterhoofd. Ik ben dus benieuwd naar de sprekers in de eerste sessie. Omdat ik betrokken was bij de selectie van de sprekers, weet ik dat verschillende onder hen AI en modellering gebruiken. Dat zijn zeer recente hulpmiddelen en ik ben benieuwd hoe nauwkeurig hun voorspellingen zijn en in welke mate ze bestaande modellen hebben verbeterd.
"Als je een vraag hebt, stel ze gewoon, of het nu tijdens de V&A-sessie is of tijdens de koffiepauze. Zo maak je jezelf zichtbaar!"
Dr. Thao Thy Pham
Wat hoop je dat de deelnemers meenemen naar huis?
THAO-THY: Nieuwe samenwerkingen, ideeën en inspiratie. Ik ga na een conferentie meestal met veel nieuwe contacten naar huis, die ik binnen de maand probeer op te volgen. Mijn advies aan jonge onderzoekers: bestudeer het programma vooraf, bepaal met wie je wilt praten en wat je uit het colloquium wilt halen, en bereid een pitch van één minuut voor om jezelf voor te stellen.
En als je een vraag hebt, stel ze gewoon, of het nu tijdens de vraag-en-antwoordsessie is of tijdens de koffiepauze. Zo maak je jezelf zichtbaar! Ook als je denkt dat het antwoord misschien al in de presentatie zat, stel de vraag toch. Het is een goed moment om jezelf op de kaart te zetten en bepaalde punten voor jezelf te verduidelijken.
Schrijf je in voor het ITG-Colloquium in Addis Abeba!
Schrijf je in
Dr. Thao-Thy Pham
Dr. Thao-Thy Pham is postdoctoraal onderzoeker in de Dienst Klinische Immunologie van het Instituut voor Tropische Geneeskunde Antwerpen (ITG), waar ze gastheer-parasietinteracties onderzoekt bij zowel cutane als viscerale leishmaniase. Haar voornaamste onderzoek richt zich op de pMHC-TCR-interactie en de daaruit voortvloeiende beschermende T-celresponsen, met als doel strategieën voor vaccinontwikkeling te onderbouwen.
Daarnaast omvatten andere projecten de identificatie en evaluatie van immunologische biomerkers om symptomatische ziekteprogressie en behandelresultaten te voorspellen, met als doel deze bevindingen te vertalen naar point-of-care-diagnostische hulpmiddelen. Haar projecten maken gebruik van uiteenlopende methoden, van veldvriendelijke technieken (bv. volbloedstimulatie met gevriesdroogd antigeen) tot multi-omics-benaderingen (bv. single-cell en ruimtelijke transcriptomica).
In lijn met de waarden van het ITG omvatten alle projecten initiatieven voor capaciteitsopbouw en kennisdeling tussen samenwerkende partners.
Spread the word! Deel dit artikel op